Rood licht voor vleermuizen; het hoe en waarom

Nieuwe cursussen Wet natuurbescherming 2018
27 maart 2018
Blauwe ploppende kikkers
16 april 2018

Steeds vaker verschijnen er berichten over rood verlichte wegen en woonwijken. De associatie laat zich raden. Toch heeft deze wijze van verlichten niets met de rosse buurt te maken. Het gaat om vleermuisvriendelijke verlichting, die wordt toegepast om vliegroutes en foerageergebieden van vleermuizen te ontzien. Vleermuizen zijn namelijk gevoelig voor lichtverstoring en uit onderzoek is gebleken dat lichthinder kan worden beperkt door de toepassing van amberkleurig licht.

Hoe zit het dan precies met die vliegroutes en foerageergebieden?
Vleermuizen wonen in bomen of gebouwen. Door het jaar heen maken ze gebruik van een netwerk van verschillende verblijfplaatsen: er zijn winterverblijven, kraamverblijven, zomerverblijven en paarverblijven. Het netwerk van verblijfplaatsen is verbonden met foerageergebieden via vliegroutes. Ingrepen zoals het kappen van bomen, het renoveren van gebouwen of het aanleggen van wegen kunnen dus gevolgen hebben voor vleermuizen.

In Nederland komen zo’n 20 vleermuissoorten voor, die allemaal beschermd zijn op grond van de Wet natuurbescherming (voorheen de Flora- en faunawet). Op grond van deze wet is het verboden om vleermuizen opzettelijk te doden of te vangen of opzettelijk te verstoren en om hun voortplantingsplaatsen of rustplaatsen te beschadigen of te vernielen. Hoewel vliegroutes en foerageergebieden in de wet niet worden genoemd, zijn ook deze in sommige gevallen beschermd. Uit de jurisprudentie volgt namelijk dat het aantasten van essentiële foerageergebieden en essentiële vliegroutes moet worden gezien als beschadiging of vernieling van voortplantingsplaatsen of rustplaatsen, indien daardoor de functionaliteit van de voortplantingsplaatsen of rustplaatsen van de betrokken vleermuissoorten wordt aangetast (zie ABRvS 10 januari 2018, ECLI:NL:RVS:2018:12). Onder een essentieel foerageergebied wordt verstaan een foerageergebied dat van wezenlijk belang is voor het functioneren van de voortplantingsplaats of rustplaats wanneer er geen alternatieve foerageergebieden zijn om eventuele aantasting daarvan op te vangen. Onder een essentiële vliegroute wordt verstaan een vliegroute die van wezenlijk belang is voor het bereiken van een essentieel foerageergebied vanuit een verblijfplaats. Een vliegroute is essentieel als er geen goede alternatieven zijn, of de dieren zoveel moeten omvliegen dat dat te veel energie zal kosten.

Voor ingrepen die gevolgen kunnen hebben voor vleermuizen is onderzoek nodig waarmee vaak behoorlijk wat tijd is gemoeid, namelijk een ‘heel’ vleermuisseizoen (mei t/m september). In de praktijk betekent dit vaak dat er een jaar vertraging optreedt wanneer pas in de loop van het ‘vleermuisseizoen’ de noodzaak voor (nader) onderzoek blijkt. Bij het vleermuisonderzoek wordt niet alleen gekeken naar de verschillende verblijfplaatsen, maar ook naar de ligging van foerageergebieden en vliegroutes. Met deze informatie kan bepaald worden of er negatieve effecten op vleermuizen kunnen ontstaan en, zo ja, hoe deze effecten kunnen worden verzacht of voorkomen. Voor vleermuizen is wit licht erg verstorend. Het hindert ze zo erg dat verlichte zones barrières kunnen vormen in vliegroutes of tussen verblijfplaatsen en foerageergebieden. Door onnodige verlichting zo veel mogelijk te vermijden wordt de barrièrewerking van verlichting verminderd. En daar waar verlichting wél noodzakelijk is, wordt steeds vaker gewerkt met vleermuisvriendelijke verlichting.

Het is tegen deze achtergrond dat op verschillende plaatsen in Nederland amberkleurige verlichting wordt toegepast. Door de vleermuisvriendelijke lampen worden de vleermuispopulaties ontzien. Worden de lampen in woonwijken toegepast, dan is dat voor de bewoners vaak wel even wennen. Of de lampen behalve vleermuisvriendelijk ook bewoner-vriendelijk zijn, daarover zijn de meningen nog verdeeld.

Margreet ter Steege (Buro Bakker) en Wienke Zwier (AKD)
Docenten van de SBO opleiding Natuurwet- en regelgeving in de praktijk.